Deze website gebruikt cookies

Deze website gebruikt zoals de meeste website cookies om uw bezoek zo aangenaam mogelijk te maken. Wij respecteren hierbij uw privacy maximaal. Indien u verder gaat naar de website staat u de plaatsing van cookies toe. Meer info over ons cookiebeleid - klik hier. -

Etienne Bervoets

De rijkdom aan dialecttalen in onze streek is niet te schatten. buitings1
Zoals eerder gezegd worden de grote dialectregio’s van het Limburgs/Oostnederfrankisch nog eens onderverdeeld in subregio’s met dialecten die onderling meer gemeenschappelijke kenmerken hebben.
De grote regio’s van van het Limburgs deelt het  W.L.D. ( Woordenboek der Limburgse dialecten)  als volgt in:

huybrechts oTientallen jaren lang – van 1923 tot na de tweede Wereldoorlog – kreeg de Paalse jeugd te maken met meester Huybrechts. Bij de oudere generaties op de Buiting leeft hij nog in de herinnering. Ook omwille van zijn verdiensten als sociaal werker is Jozef Huybrechts bekend gebleven. Hij was immers niet alleen onderwijzer, maar stuwende kracht in veel verenigingen.

We hebben dus heel wat te danken aan deze ‘aangewaaide’ dorpsgenoot.

Jozef Huybrechts was op 1 februari 1893 geboren in Montegnée, een voorstad van Luik, wellicht omdat zijn ouders behoorden tot de talrijke Limburgers die om den brode tijdelijk naar het Luikse industriegebied waren afgezakt. Zijn vader heette Benoit en zijn moeder Marie Clémentine Van Lommel. Ze keerden terug naar Beverlo zo gauw het kon en leefden hun leven op een boerderij. Er was nog geen wettelijke leerplicht ingevoerd, maar veel jongens leerden in de dorpsschooltjes toch al rekenen, lezen en schrijven. Jozef viel op want hij was een uitstekende leerling.

29 oktober 2016

Klaprozen (29)

 

logopaalwo1 klein

11 november komt er aan, een moment om onze oud-strijders en gesneuvelden van beide wereldoorlogen te herdenken. Op onze tentoonstelling rond de Groote Oorlog, vorig jaar in OC De Buiting, werden onze slachtoffers uit WO1 op een paneel met een foto en korte toelichting weer onder de aandacht gebracht, enkele oud-strijders zoals J. Bosmans en L. Lucas kregen een uitgebreid paneel met hun verhaal. 

In de parochiekerk St.-Jan worden deze panelen vanaf 11 november gedurende een tiental dagen opnieuw tentoongesteld. U bent van harte welkom om een bezoekje aan onze gerenoveerde parochiekerk te combineren met een groet aan onze gesneuvelden van de eerste wereldoorlog.

 

buitings1Ah, gij zijt van De Limburg ? “ Werd die vraag ook al aan jou gesteld ? Dan is dat waarschijnlijk omdat de niet-Limburger een zangerige toon meende te herkennen. Terecht of niet ? Zingen wij ook in het Buitings ? 

‘De Limburg’, de toevoeging van ‘de’ heeft iets koloniaals, zoals Belgen vroeger naar ‘de Congo’ trokken. Merkwaardig, we komen dit neerbuigende lidwoord ook tegen in ‘De Buiting’ …
Maar nee, we gingen het over onze zangkunsten hebben !

Vanwaar komen toch al die taalgrenzen, lijnen en isoglossen?

buitings1

We schreven in de vorige aflevering al over de Uerlingerlijn die de grens vormt tussen het taalgebied van Paal en dat van Tessenderlo, en de Benratherlijn.
Zo zijn er nog vijf dialectgrenzen,  isoglossen genoemd,  die het Limburgse taalgebied tussen de Uerdingerlijn en de Benratherlijndoor lopen nl., (van west naar oost), de Getelijn, de betoningslijn, de Panningerzijlijn , de Panningerlijn en de -lijk/-lich – lijn.  

Ich maak vur óch en mich ooch zoe'een hètteke !

buitings1

Omdat het verloop van de Uerdingerlijn op verschillende kaarten (zelfs bij dezelfde makers) soms afwijkt, hebben we het verloop nagegaan aan de hand van verschillende bronnen  (R.N.D.-enquête,  dialectwoordenboeken, bestaande studies, lokale dialectsprekers, eigen enquêtes, navraag bij dialect- en heemkundige verenigingen,…).

 

buitings1

 

Weinigen van ons staan er bij stil dat, wanneer ze over de Tessenderlosesteenweg naar het vlakbij gelegen Hulst fietsen,  een belangrijke grens gepasseerd wordt. Een taalgrens. Bij het oversteken van de Winterbeek stopt het ich/mich gebied. In Tessenderlo doen ze niet meer mee. Het gaat hier om een isoglosse (afgrenzing van een taalverschijnsel) die bekend staat als de Uerdingerlijn.

HET OOST- EN WESTNEDERFRANKISCH EN DE KEULSE EN BRABANTSE INVLOEDEN  buitings1

Het Oudnederfrankisch werd gesproken tussen (bij benadering) de 5de en de 12de eeuw in een groot deel van wat nu Nederland, België, het westen van Noord-Frankrijk, het Rijnland en Westfalen (beide Duitsland) zijn. 

Zoals al aangehaald splitst het Oudnederfrankisch zich ook weer op, waardoor het Westnederfrankisch (de dialecten die later in hoofdzaak aan de oorsprong van het Nederlands liggen) en het Oostnederfrankisch (rechtstreekse “voorouder” van de Limburgse dialecten en het Rijnlands) ontstaan.

buitings1De Germaanse talen ontstonden uit het Indo-Europees door enkele opvallende veranderingen:  klankverschuivingen.  
Bij de eerste of Germaanse klankverschuiving verschoven bepaalde medeklinkers uit het Indo-Europees tot andere medeklinkers in het Germaans. Omdat al de Germaanse talen deze klankverschuiving ondergingen, moet deze plaats gevonden hebben toen de Germaanse talen nog (een zekere) eenheid vormden.

Spelen is gevaarlijk !

kinderen zijn gevaarlijk

 

In de vorige aflevering lazen we hoe de Duitsers de algemene schoolplicht invoerden. Inentingen tegen pokken werden verplicht. De bezetter leek wel nobele bedoelingen te hebben !
Al snel volgde de ontnuchtering: kinderen werden liefst van straat gehouden, leden honger en allerlei verboden en geboden volgden. Kinderen leken wel gevaarlijk ! Uit bijgaande affiches blijkt dat ouders werden aangemaand hun kinderen niet alleen op straat te laten, ‘gevaarlijk speelgoed’ als bogen, katapulten en andere werpspeeltuigen werd verboden, zelfs een papieren ‘vlieger’ oplaten mocht niet meer omdat het telefoon- en telegrafieverkeer kon verstoord worden.