Door de verheffing van Beringen tot stad in 1239, werd het onderscheid tussen de “binning”, Beringen binnen de stadswallen en de “buiting(en)”, het gedeelte van Beringen buiten de stadswallen, officieel. Zo ook verwierf het huidige Paal zijn naam van “Buiting”.
Er was niet alleen het verschillend rechtssysteem tussen de stad en de Buiting en het feit dat de Buiting 2/3 van de belastingen moest ophoesten.
Wellicht zat er nog meer scheef tussen de stad Beringen en haar Buiting…
Bij het uitbreken van de Luikse Revolutie (van 1789 tot 1795) vonden de inwoners van de Buiting het moment geschikt om nog maar eens hun grieven kenbaar te maken.
De Luikse Revolutie was een woelige periode in het prinsbisdom Luik. Sommigen zien ze als een onderdeel van de Franse Revolutie. De revolutie eindigde met de opheffing van het prinsbisdom Luik en het opgaan ervan in 3 Franse departementen.
Het huidige Paal, de Buitinghe van Beringen ,behoorde ook van oudsher tot de parochie Beringen.
Paal had dus geen eigen kerkgebouw, noch een eigen parochiale structuur maar wel een vrij grote kapel.
De patroonheilige van de parochie Paal is Sint Jan de Doper.
Johannes was een Joods profeet die je zowel in het Evangelie, als in de Koran terugvindt.
Talloos zijn de parochies overal ter wereld die hem als patroonheilige kozen.
“De Buiting” behoorde van oudsher tot de parochie Beringen, zoals Heusden overigens. Reeds voor 1400 werd Heusden een eigen parochie maar de pastoor van Beringen mocht in de aanvangsfase de pastoor van Heusden nog benoemen. De Buiting bleef echter deel uitmaken van de parochie Beringen.
In Beringen leefden in de 16e en 17e eeuw “gegoede families” die relaties konden onderhouden bij de hogere kerkelijke en burgerlijke overheden, zodat zij beter hun standpunt konden verdedigen dan de minder onderlegde, ongeletterde boeren van de Buiting.
Paal was dan geen afzonderlijke parochie, het dorp bezat wel een vrij grote kapel , een “beneficie”, die bediend werd door een “rector” of “beneficiant”, zoals in deel 4 al werd vermeld. Deze rector-beneficiant, een geestelijke, woonde meestal op de Buiting. Hij mocht echter geen biecht horen of stervenden bedienen. Het toedienen van de sacramenten bleef immers het voorrecht van de pastoor van Beringen.
Begin april 1700 werd een smeekschrift gericht namens “de Buiting” tot de vicaris-generaal van het prinsbisdom Luik, een zekere G.B. Van Hemisdael. In dat smeekschrift werd de toelating gevraagd om een nieuwe parochie op te richten omwille van het groot aantal inwoners van de Buiting . Dat smeekschrift had echter een averechts effect.
Wat bezielde de Buiting toch in zijn strijd tegen Beringen? We kunnen het ons nog moeilijk inbeelden: een lange strijd van de gelovigen voor een afzonderlijke parochie. Wij leven nu in een tijd dat de parochies aan de lopende band worden “gefedereerd”, zonder dat het gelovige volk nog mort of actie voert.
Lees meer: Deel 10: Met alle middelen vechten voor een eigen parochie!
De discussie tussen Paal en Beringen over een aparte parochie in Paal escaleerde. In januari 1702 vaardigde de Vikaris-Generaal van Luik een decreet uit waarbij een commissie werd aangesteld om de toestand ter plaatse te onderzoeken. E.H. Rolin, secretaris van de vicaris-generaal en E.H. Jamar de Montfort, assessor of raadgever van de vicaris werden met de onderzoekstaak belast.
Lees meer: Deel 11: Een onderzoekscommissie van het Prinsbisdom Luik komt ter plaatse
Op 13 maart 1702 kwam een commissie, afgevaardigd door de Vikaris-Generaal van Luik, de toestand ter plaatse onderzoeken. De inwoners van Paal beweerden immers dat de kerk van Beringen voor hen dikwijls onbereikbaar was door overstromingen of gesloten stadspoorten, die van Beringen beweerden het tegendeel.
Lees meer: Deel 12: De Paaldervoort: een Rode Zee voor de Palenaren
In een vorig deel kon u lezen dat op 13 maart 1702 een commissie, afgevaardigd door de Vikaris-Generaal van Luik, de toestand rond het conflect tussen Paal en Beringen ter plaatse kwam onderzoeken. Het verslag van de onderzoekscommissie bleef heel de zomer van 1702 gewoon in de schuif van de vicaris-generaal liggen tot januari 1703. Onwil?
Lees meer: Deel 13: De 4 burgemeesters van Paal mogen de Pastoor van Paal benoemen!
De Bisschop van Luik decreteerde in 1708 dat de nieuwe parochie Paal, volgens de overeengekomen voorwaarden, mocht worden opgericht. Tot eerste pastoor werd E.H. Jan Notelaers benoemd, een geboren en getogen… Palenaar.
Jan Notelaers was een priester geboren in Paal. De familie Notelaers bezat niet alleen een boerderij in Paal maar had ook een huis met tuin in Beringen, in het Steenstraatje.
Jan Notelaers beschikte over een beneficie in de kerk van Stevoort en over het beneficie van St. Anna in de kerk van Beringen. Een beneficie was sinds de Middeleeuwen het inkomen dat een priester verdiende door op vaste tijdstippen op een vaste plaats H. Missen te doen (zie ook Deel 4).
Alsof het een nieuwe president van de Verenigde Staten was die in 100 dagen het tij al wilde doen keren, zo vloog Pastoor Jan Notelaers er in 1708 in zijn gloednieuwe parochie Paal in…
Paal werd in 1708 eindelijk erkend als onafhankelijke parochie. De overheid sponsorde in die tijd de kerken nog niet. De gelovigen moesten vooral zelf opdraaien voor de kosten van de pastoor en van het kerkgebouw. Dat is de echte reden waarom die van de Buiting absoluut een eigen parochie wilden en die van Beringen daar niet mee akkoord waren.
Paal werd in 1708 eindelijk erkend als onafhankelijke parochie. De parochie Beringen ging echter in beroep en er kwam al snel reactie vanuit Rome: in afwachting van een definitief oordeel mocht in Paal niets gebeuren dat in het nadeel van Beringen was .
Lees meer: Deel 17: Pastoor Jan Notelaers en zijn broer Willem nemen de leiding van het verzet!
Paal werd in 1708 eindelijk erkend als onafhankelijke parochie. De parochie Beringen ging echter in beroep. Paal en Beringen raakten zo verwikkeld in een proces in Rome.
Lees meer: Deel 18: De Buiting en Beringen verwikkeld in een proces in Rome…
Paal werd in 1708 eindelijk erkend als onafhankelijke parochie. De parochie Beringen ging echter in beroep. Paal en Beringen raakten zo verwikkeld in een proces in Rome. De Beringenaren verklaarden zich in Rome onverwacht bereid een pastoor in Paal te onderhouden maar de Palenaren waren van oordeel dat dit slechts een schijnmaneuver was.
Na jarenlang getouwtrek besliste men in Rome dat Paal toch geen afzonderlijke parochie mocht worden. Toen de Beringenaren daarop triomfantelijk een mis kwamen opdragen in de kapel van Paal liepen de gemoederen hoog op, niet in het minst tussen de Jan Notelaers en de pastoor van Beringen.
Lees meer: Deel 20: Pastoor Jan Notelaers gooit zich met zijn volle gewicht in de strijd!
Geschiedenis van Paal - Deel 21: Een anticlimax: Beringen heeft geen geld…voor Paal!
We schreven eerder al dat de parochie Beringen zich, bij de aanvang van het proces in Rome in 1712, totaal onverwacht , bereid verklaarde om in Paal een priester te onderhouden. Uiteindelijk bleek dit het cruciale argument voor de Rota, de opperste rechtbank in Rome, om de onafhankelijkheid van Paal als parochie terug ongedaan te maken.
Lees meer: Deel 21: Een anticlimax: Beringen heeft geen geld…
In 1716 bleek dat de stad Beringen niet de financiële middelen had om een priester in Paal te betalen en onderhouden. Nochtans was dit een voorwaarde geweest om de zelfstandige parochie Paal terug onder de vleugels van Beringen te brengen.
Nadat in 1716 bleek dat de stad Beringen niet de financiële middelen had om een priester in Paal te betalen en te onderhouden, werd er koortsachtig gewerkt aan een overeenkomst tussen de parochies van Beringen en Paal, een concordaat werd het genoemd.
Lees meer: Geschiedenis deel 23: Een concordaat om de pil te vergulden voor Beringen!
Na een eeuwenlang conflict wordt Paal in 1716 definitief een afzonderlijke parochie.
Het concordaat dat op 19 augustus door de geestelijke overheid van Paal en Beringen was ondertekend, werd op 26 oktober 1716 eveneens goedgekeurd door de pauselijke nuntius van Keulen.
Lees meer: Geschiedenis deel 24: Paal definitief een afzonderlijke parochie
