Deze website gebruikt cookies

Deze website gebruikt zoals de meeste website cookies om uw bezoek zo aangenaam mogelijk te maken. Wij respecteren hierbij uw privacy maximaal. Indien u verder gaat naar de website staat u de plaatsing van cookies toe. Meer info over ons cookiebeleid - klik hier. -

31 januari 2016

De Herdenkingsavond van 10 november 2015 (2): deel 2

herdenkingsavondeinde

Vorige maand brachten we het eerste deel van de Herdenkingsavond 'Paal in de Groote Oorlog'.  Afgaande op de bezoekerscijfers van de website konden nogal wat Palenaren deze gefilmde registratie smaken.  Tijd dus om het tweede deel op u los te laten !  Vorige week presenteerden we al in een aparte aflevering de lezing van Luc Vandeweyer over de hongerwinter van 1915.  Vandaag krijgt u niet alleen het verhaal van de eerste wereldoorlog in ons dorp door André Luyten ( zie ook aflevering 23 in onze reeks),  maar ook de muzikale omkadering van het tweede deel van deze avond door onze eigen Harmonie Hoop in de Toekomst samen met Zangkoor Zonnedauw.  Veel luister- en kijkplezier !

 

De Harmonie Hoop in de Toekomst brengt hier een inspirerende vertolking van de overbekende titelsong uit 'Band of Brothers',  de serie van Steven Spielberg over de dramatische belevenissen van 'Easy Company' , onderdeel van de 101ste Airborne Divisie, in de tweede wereldoorlog. 

Zangkoor Zonnedauw vertolkt achtereenvolgens ' Rode Heuvel', 'Mein Michel' en 'Niemandsland'.

Rode Heuvel
(auteur muziek:  Georges Krier, auteur tekst: Montéhus, vertaling: Jaap Van de Merwe)

Rode heuvel is de Nederlandse vertaling door Jaap van de Merwe van het beroemde Franse anti-oorlogslied La butte rouge, geschreven door Montéhus en op muziek gezet door Georges Krier. 
La butte rouge gaat over een bloedige veldslag in 1916 op een heuvel nabij Bapaume in Noor-Frankrijk. Er bestaan geen opnames van het lied door Montéhus zelf maar het is ondertussen, en nu nog steeds opnieuw, al tientallen keren vertolkt door bekende Franse zangers zoals Yves Montand, Renaud en Maxime le Forestier. Het is een anti-oorlogslied bij uitstek geworden. Van de Nederlandse vertaling door zijn meerdere vertolkingen bekend. Het werd onder meer op plaat gezet door Wim De Craene, de versie die nu gezongen wordt door Zonnedauw.

Mein Michel

(auteur muziek:  Erich Smeckenbecher en Thomas Friz)

De tekst van dit Duitse lied werd geschreven in 1920. Het protesteert tegen de voorbije oorlog die vooral voor de lagere klassen van de bevolking veel ellende had meegebracht. Ook de oorlogsmoeheid van de soldaten wordt er in uitgedrukt. In een uitgave van 1973 met Duitse volksliederen werd deze tekst herontdekt en er een eigen melodie op gezet. Thomas Friz zong het in augustus 2002 tijdens een vredesconcert op het Tyne Cot Cemetery te Passendale.

Du hast Bataillone, Schwadronen,
Batterien, Maschinengewehr,
du hast auch die größten Kanonen.
Mein Michel, was willst du noch mehr?

Du hast zwei Dutzend Monarchen,
Lakaien und Pfaffen ein Heer,
beseeligt kannst du da schnarchen.
Mein Michel, was willst du noch mehr?

Du hast ungezählte Paragraphen,
die Gefängnisse werden nicht leer,
du kannst auch in Schutzhaft drin schlafen.
Mein Michel, was willst du noch mehr?

Du hast die beträchtlichsten Steuern,
deine Junker, die plagen sich sehr,
um dir das Brot zu verteuern.
Mein Michel, was willst du noch mehr?

Du hast Kohlrüben und Eicheln,
und frägst du nach and’rem Begehr,
so darfst du am Bauche dich streicheln.
Mein Michel, was willst du noch mehr?

Du darfst exerzieren, marschieren,
am Kasernenhof, kreuz und quer,
und dann für den Kaiser krepieren.
Mein Michel, was willst du noch mehr?

't Is geen Montmartre, al is 't ook een heuvel

Hier geen versierder, geen pooier, geen miet
Geen zwendelaar met zijn gladde gekeuvel
En zelfs de tafelhoer vind je d' er niet
Hier heeft de grond al wat bloed moeten slikken
Burgers-, boeren-, arbeidersbloed
Sneuvelen boeven die oorlog ontsteken
Neen, want hun hart is zo hard als diamant

Rode heuvel, zo heet het hier
Want eenmaal zijn ze stervend de kloof in geworpen
Nu groeien er druiven, ze persen er wijn
Wie hem drinkt, zit het bloed van zijn makkers te slorpen

't Is geen Montmartre, geen kermis der lusten
Hier geen champagne met liedjes omrankt
Jongens die pas nog hun lief ten afscheid kusten
Hebben hun doodssnikken hier uitgejankt
Hier kwamen tranen de aarde doorweken
Tranen van arbeiders voor stad en land
Sneuvelen boeven die oorlog ontsteken
Neen, want hun hart is zo hard als diamant

Refrein

't Is geen Montmartre, al bloeien er wijnen
Al klinkt gezang en het gepraat er verward
Al liggen er jongens met meisjes te geinen
Ik gun ze het graag, maar het valt me koud om 't hart
Op deze plaats, waar die jonge malloten
Kirren bij levenslustig genot
Heb ik 's nachts gehoord hoe hun leeftijdsgenoten
Gilden om hulp met de dood in het lijf

 

 

 Niemandsland 

(auteur muziek:  Klaas Delrue & Yevgueni, auteur tekst:  Klaas Delrue)

In oorlogstijd wordt het gebied tussen de frontlinies van twee vijandelijke legers ook wel aangeduid als niemandsland. De Belgische kleinkunstzanger Klaas Delrue schreef er een tekst over en samen met zijn band Yevgueni componeerde hij de muziek. Dit resulteerde dit in het lied Niemandsland, wat ze in 2006 vertolkten op het festival van Dranouter.

Dit vlakke land is niet van mij hier
En helemaal niet van Jacques Brel
Maar een land moet toch van iemand zijn
Van wie is het dan wel ?
Van de jongens die hier wonen
Wiens moed wij nu belonen
Met een steen en een stuk grond van één op twee
Want ze deden allemaal toch zo goed mee

Verraden en beneveld door een vaderlandse roes
Die uiteindelijk niet veel meer bleek dan een heel goedkope smoes
Voor een spelletje stratego
Een paar mannen met zo’n ego
Dat te groot was voor hun sterfelijke lijf
‘k Weet hier met mijn onbegrip geen blijf

Want hier op deze plek wordt mijn respect nog steeds verstoord
door de stemmen van de jongens die nog altijd niemand hoort
Als ze ooit echt konden spreken
Zouden wij dan eindelijk weten
Dat een land niet steeds van iemand hoeft te zijn
Dat een land ook niemandsland kan zijn
Dat een land ook niemandsland kan zijn.

 André Luyten, onderwijzer op rust, doet het verhaal van Paal in de Groote Oorlog, zoals u dat de voorbije maanden in deze reeks hebt kunnen volgen.

tipperary1

 

 In dit laatste deel brengt de harmonie 'Hymn to the fallen' uit  Spielbergs 'Saving private Ryan' en 'La vita e Bella' uit het gelijknamige meesterwerk.  De finale van de avond wordt ingezet samen met zangkoor Zonnedauw en 'Heldenloon (voor het heil van het lieve vaderland').  Tot slot van deze herdenkingsavond wordt een dubbele versie gebracht van het in de eerste én de tweede wereldoorlog zo populaire lied 'it's a long way to Tipperary'.  Jan Elsen, voorzitter van paalonline bedankt daarna de medewerkers van de avond en deelt de letterlijke en figuurlijke bloemetjes uit.  Wij kijken uit naar een herhaling, misschien in 2018 ?

tipperary2

 Heldenloon

Na afloop van de oorlog werden de wonden gelikt, en werd de afschuw van het zinvolle geweld en de manier waarop met teruggekeerde soldaten werd omgegaan, een regelmatig terugkerend onderwerp om te bezingen.
De oorlogsinvaliden kregen weinig mogelijkheden om zich staande te houden in de maatschappij. Wat bij verschillende zangers kritische strofen deed opwellen.
De afschuw tegen de oorlog kon weer de overhand nemen. De harmonie brengt samen met het koor het lied Heldenloon van Maurice Dumas:

Hij had een pracht positie en verdiende heel veel geld.
Hij onderhield zijn ouders, dat werd overal verteld.
Toen hij werd opgeroepen want ons land was in gevaar
De moeder weende bitter en zijn vader vond het naar.
Hij kreeg een sabel en een patroontas
Een uniform en van allerhand
En zo marcheerde hij door de straten
Voor het heil van het lieve vaderland
En zo marcheerde hij door de straten
Voor het heil van het lieve vaderland

Hij was één van de eersten die gestuurd werd naar het front
Het buld’ren der kanonnen daaraan wende hij ter stond
Zijn hele leven had hij nooit een vliegje kwaad gedaan
Nu moest die brave jongen vreemde mensen slachten gaan
Hij had een sabel en een patroontas
Een uniform en van allerhand
Stond in een loopgracht die vol met slijk was
Voor het heil van het lieve vaderland
Stond in een loopgracht die vol met slijk was
Voor het heil van het lieve vaderland

Zijn naam werd spoedig overal met roem en eer vermeld
Het “bloed strepen” voor moed en trouw werd op zijn borst gespeld
Hij redde een officier het leven en streed dapper voort
Hij werd een held genoemd omdat hij mensen had vermoord
Hij had een sabel en een patroontas
Een uniform en van allerhand
“Gij zult niet doden“ was hij vergeten
Voor het heil van het lieve vaderland
Een uniform en van allerhand
“Gij zult niet doden“ was hij vergeten
Voor het heil van het lieve vaderland

De vrede werd getekend en de oorlog was gedaan
Verminkt voor alles ongeschikt kon hij naar huis toe gaan
Geen mens vroeg wat van d’arme invalide worden zou
Voldoende was het eermetaal voor moed beleid en trouw
Hij had geen sabel en geen patroon tas
Maar een paar krukken en houten benen
Voor het heil van het lieve vaderland
Hij had geen sabel en geen patroon tas
Maar een paar krukken en houten benen
Voor het heil van het lieve vaderland

 It's a long, long way to Tipperary

Eén van de bekendste oorlogsliederen is ongetwijfeld “It’s a long long way to Tipperary”
Het Tipperary-lied werd in 1912 in één dag geschreven door Jack Judge, een Engels music-hall artiest, en dezelfde avond nog zong hij het voor het eerst in het Groot Theater van Stalybridge. Het lied werd overgenomen door soldaten, die het tijdens het marcheren zongen.
Bij het begin van de oorlog hoorde een reporter van de Daily Mail Britse soldaten van de het lied zingen tijdens hun ontscheping in Frankrijk. Hij vermeldde dat in zijn verslag en het werd in één klap razend populair. De tekst werd afgedrukt in alle kranten.

Voor de Ierse soldaten was dat lied met opgewekte melodie dé uitdrukking van Heimwee naar huis in een oorlog die maar enkele maanden zou duren. Zo dachten ze toch.

Wie nu Tipperary binnenrijdt kan een verwijzing naar het lied lezen op een bord langs de weg. Er staat: Welcome to Tipperary, You’ve come a long way.

Up to mighty London Came an Irishman one day.
As the streets are paved with gold sure, everyone was gay,
Singing songs of Piccadilly strand and Leicester Square
Till Paddy got excited, then he shouted to them there:

It's a long way to Tipperary, it's a long way to go.
It's a long way to Tipperary to the sweetest girl I know!
Goodbye, Piccadilly, farewell, Leicester Square!
It's a long long way to Tipperary, but my heart's right there.

Paddy wrote a letter To his Irish Molly-O,
Saying, "Should you not receive it, write and let me know!"
"If I make mistakes in spelling, Molly, dear," said he,
"Remember, it's the pen that's bad, don't lay the blame on me!

Molly wrote a neat reply to Irish Paddy-O,
Saying Mike Maloney wants to marry me, and so
Leave the Strand and Piccadilly or you'll be to blame,
For love has fairly drove me silly: hoping you're the same!

It's a long way to Tipperary, it's a long way to go.
It's a long way to Tipperary to the sweetest girl I know!
Goodbye, Piccadilly, farewell, Leicester Square!
It's a long long way to Tipperary, but my heart's right there.

It's a long way to Tipperary, it's a long way to go.
It's a long way to Tipperary to the sweetest girl I know!
Goodbye, Piccadilly, farewell, Leicester Square!
It's a long long way to Tipperary, but my heart's yes my hearts , right there.

Laatst aangepast op 31 januari 2016