Deze week wordt het feest van St.-Baar (4 dec.) gevierd. Het is een traditie dat de mijnwerkers-brancadiers een dankmis laten opdragen ter ere van hun patroonheilige, St.-Barbara. Deze heilige wordt in Limburg nog altijd vereerd als beschermheilige van de gevaarlijke beroepen, waaronder brandweermannen, dakwerkers en mijnwerkers. Dat de mijnwerkers hun St.-Baar gekozen hebben als patrones heeft natuurlijk ook te maken met de overeenkomst die zij zagen tussen de toren waarmee ze steevast afgebeeld wordt en een mijnlamp. Meer over St.-Barbara lees je in onze speciale bijdrage over deze merkwaardige heiligenfiguur. Op 4 december kregen de mijnwerkers vrijaf (eigenlijk ter compensatie van 11 november) en de dag ervoor werd aan het kolenfront extra hard gewerkt, om ter meest 'kool te maken'. De wedstrijd om de hoogste kolenproductie leverde natuurlijk extra premies op, die na de misviering in de lokale cafés met evenveel toewijding opgedronken werden.
A.C. herinnert zich de kolenslag als volgt: "Vrute innen ónnergrond en daags vur Sint Baar koleslag vur de mietste kool te maken en zoeveul meugelek berlengs te vulle"
De 'koleslag' was dus de competitie om zoveel mogelijk kolen te produceren. In de Dikke van Pale vinden we bij het woord 'berleng':
berlinne (f.n.) • 1. wagonnet en forte tôle, monté sur quatre roues, qui sert, dans un charbonnage, à transporter le houille ou les pierres. cawêye ou råme di ---, train de berlaines; hiertchî a l' ---, hercher à la berlaine; les tcherdjeus d' --- • 2. berline (sorte de voiture).
Viering van St.-Baar, jaren '50 in het 'patronaat' (foto met dank aan M. Dillen): het zangkoor eert en amuseert de mijnwerkers aan de feestdis.